Veiligheid

Veiligheid

( http://www.veiligheid.nl/tips-en-advies/kinderen-6-12-maanden)
Jullie kindje wordt nu steeds actiever en ondernemender. Meestal kan een baby zich met vijf, zes maanden omrollen. Vanaf dat moment beginnen de mijlpalen van zitten, kruipen en staan. Spannend voor jullie kind, omdat de wereld opeens zoveel groter wordt. Vermoeiend voor jullie als ouders omdat nu praktisch niets meer veilig is.
Checklist: Hoe (kruip)veilig is uw huis? Kijk eens kritisch rond.

  • Zijn alle stopcontacten op kinderhoogte beveiligd?
  • Staat er boven en onderaan de trap een goedgekeurd traphekje?
  • Zijn scherpe hoeken en randen afgeschermd, bijvoorbeeld met beschermhoekjes?
  • Staan giftige stoffen buiten bereik van uw kind (denk ook aan planten, medicijnen, cosmetica en sigaretten, toiletverfrisser). ( zie ook de gifwijzer verkrijgbaar bij de apotheek)
  • Zijn kleine en scherpe voorwerpen, zoals knikkers, kleingeld, scharen en (hobby-)messen, veilig opgeborgen?
  • Zit de koffie of thee in een thermoskan?
  • Houdt u altijd toezicht als uw kind in bad zit?
  • Gebruik geen tafelkleden.
  • Staan schoonmaakmiddelen buiten bereik van uw kind, ook tijdens het gebruik.
  • Heeft u veilig speelgoed in huis dat past bij de leeftijd van uw kind.
  • Liggen er geen pinda’s, klein snoepgoed, knoopjes of andere kleine voorwerpen op de vloer?
  • Zitten er aan de kleding van uw kind geen losse knoopjes, losse touwtjes?
  • Hangen er geen losse snoeren?
  • Liggen er geen plastic zakken in de buurt van uw kind?
  • Is de box, het ledikant op de juiste hoogte ingesteld?
  • Is uw oven beveiligd?
  • Zit er een veiligheidsstop op de deuren?

Taalontwikkeling

Taalontwikkeling

Tip;

Bumba het magische wonderboek, een uitzending te vinden op Youtube,

https://www.youtube.com/watch?v=KF_L45L86Lk ;

Men gebruikt korte zinnen, er wordt duidelijk gesproken en geteld mbv vingers. Door middel van lichaamstaal laten ze bv de grootte zien, er wordt regelmatig herhaald. Er worden hoge en lage stemmen gebruikt; hoog bij enthousiasme, laag als het wat
spannender wordt.

De mondmotoriek; open voor bv de O, er is oogcontact met kinderen die kijken, grote ogen bij verbazing, men zingt over wat er gebeurd, danst met bewegen; opspringen/ draaien, stampen; kinderen gaan meedoen.
Imiteren; er wordt gevraagd aan kinderen om mee te doen.
Er wordt aangewezen wat ze zien, de voorwerpen worden benoemd.
Het is kleurrijk, met veel vormen en korte namen.
Kinderen worden gestimuleerd om mee te doen, je ziet de spanning op hun gezichtjes, hun mond beweegt mee met die van Lies en Lars die bij Bumba zijn.

Lichaamstaal van Bumba, Lies en Lars ondersteund in hetgeen ze zeggen en doen. Ze blazen en maken er geluid bij. Kinderen worden op alle fronten in hun taal gestimuleerd;
– klank, gezichtsuitdrukking, gebaren en imitatie
– spraakklank, kleine woordjes en korte zinnen
– bekrachtiging, uitdaging, woord gekoppeld aan wat ze zien
– verschillende klanken, verschillende betekenissen
– non verbale taal; expressie van de gezichten, lichaamshouding en beweging
Spelenderwijs leren de kinderen de taal.